Monumentenstudiedag Boerderijen: één van de meest bedreigde categoriën van monumenten De Monumentenstudiedag, eind april jl. in het Congresgebouw in Utrecht gehouden, georganiseerd door de Stichting Nationale Contractcommissie Monumentenbescherming, in samenwerking met de Raad der Europese Gemeenten, sectie Nederland, was gewijd aan „Monumenten buiten". Deze monumentenstudiedag, die zo langzamerhand uitgroeit tot een traditie, was goed bezocht met onder de deelnemers verheugend veel jonge mensen èn vertegenwoordigers uit landbouwkringen (o.a. van de Ned. Bond van plattelandsvrouwen). De aanwezigheid van laatstgenoemde categorie was verblijdend èn begrijpelijk, want het ging per slot van rekening op deze studiedag grotendeels om het behoud en de zorg van „de" boerderij in het landschap. „De" boerderij: in zeer vele gevallen een monument, dat gelukkig in toenemende mate onder de bescherming van de Monumentenwet valt, maar niettemin nog heel vaak met ondergang of verwording wordt bedreigd. Denkend aan Holland zie ik brede rivieren traag door oneindig laagland gaan, rijen ondenkbaar ijle populieren als hoge pluimen aan den einder staan; en in de geweldige ruimte verzonken de boerderijen verspreid door het land, boomgroepen, dorpen, geknotte torens, kerken en olmen in een groots verband. Uit Herinnering aan Holland' door H. Marsman. Het is dan ook een goede zaak, dat de NCM besloten heeft tot de instelling van een werkgroep Boerderijenbehoud. In deze werkgroep zal een tiental organisaties deel nemen, die allen betrokken zijn bij het be houd van boerderijen. De werkgroep krijgt als opdracht om vóór het einde van dit jaar de problemen met betrekking tot het behoud van boerderijen te inventariseren en aanbe velingen te doen voor oplossingen van de problemen. Eén van de vragen, die de werkgroep meekrijgt is: „Moetereen speci fieke vereniging voor boerderijenbehoud worden opgericht?" Aan het slot van de studiedag deelde de voorzitter van de NCM, de heer H. J. L. Vonhoff mee, dat het bestuur van NCM in grote mate verontrust is over de plannen van achtereenvolgende regeringen met betrek king tot de afschaffing van het zgn. Kroon- beroep in zaken van ruimtelijke ordening. De NCM is van mening, dat het onjuist is om dit recht aan de burger te ontnemen. Het is waar, dat de procedures in deze be kort moeten worden, maar het zou verkeerd zijn de Kroonprocedure aan te tasten. Bij Kroonprocedures blijkt tot nu toe de helft van de bezwaarden in het gelijk te worden gesteld. Versnelling van de procedure in zaken van ruimtelijke ordening ten koste van de rechten van de burgers is geen goede zaak. De heer Vonhoff zei dan ook te ho pen, dat het parlement zich zal uitspreken, dat het niet zó kan als het kabinet zich nu voorstelt. Bij de opening van de studiedag kregen de deelnemers een door de technische staf van 112 de ANWB samengesteld klankbeeld in kleuren te zien, dat goed de dichtregels van Marsman weer gaf en waarmee de situatie van nu helaas maar al te vaak in tegenspraak is. Er is inderdaad veel in ons landschap verknoeid. Terecht merkte drs. P. A. Wol- ters, voorzitter van de Commissie Monu mentenzorg van de Raad der Europese Ge meenten, sectie Nederland, in zijn ope ningswoord o.a. op, dat het landelijk gebied een waardevol bezit is en we zullen er de nadruk op moeten leggen het te behouden en te beschermen. We zullen eveneens de ont wikkelingen die in het landschap gaande zijn, moeten volgen en er attent op moeten zijn, dat die ontwikkelingen het landschap niet blijvend verstoren. De heer Wolters zei er zich van bewust te zijn, dat, hoewel men meestal spreekt van de schoonheid van het land, het toch noodzakelijk is de maat schappelijke waarde daarvan in het oog te houden. Het beste is schoonheid en maat schappelijke waarde met elkaar in even wicht te brengen. Het gaatnl. niet alleen om de individuele objecten maar om de totali teit.

Periodieken van Erfgoed Vereniging Heemschut

Heemschut - Tijdschrift 1924-2023 | 1978 | | pagina 18