HEEMSCHUT 15 DE HEEMSCHUTSERIE DEEL 5 F. KOSTER. ONS SCHOONE LAND Nu wij ons meer dan ooit moeten bezinnen op de groote waarden van ons ei gen land, zal de beteeke- nis van een schoone na tuur steeds sterker tot eigen volk gaan spre ken. In zijn t a 1 r ij k e fraaie land schappen, zijn merkwaardige flora en fauna, heeft Nederland een bijzonder rijk bezit, dat voor het levensgeluk van duizenden onmisbaar geworden is. Men rekent het natuur schoon niet te behooren tot ons cultuurgoed, doch, na enkele tientallen jaren van opvoeding tot natuurgenot door mannen als HEIMANS en THIJSSE en een groote schare van volgelingen, staat thans wel vast, dat de natuur voor het cultuurleven van een volk een onvergelijkelijke bron van dankbare studie en van waardig genieten geworden is. Ons volk houdt van de natuur, het beseft steeds beter welke belangrijke plaats zij inneemt naast de kunst, de muziek, en de sport. Vandaar ook de geestdriftige beweging voor natuurbescherming in ons land. Dit mooie land moeten wij ongerept behouden. De dichte bevolking met de moderne eischen op cultuurtechnisch, industrieel en verkeersgebied eischen steeds meer ruimte op voor werken en wonen, doch dit volk, dat nog elk jaar met bijna 100.000 zielen toeneemt, moet zich ook blijvend kunnen ontspannen in een vrije natuur. Diepgaande veranderingen hebben er thans in de oude Nederlandsche landschappen plaats, duizenden hectaren woeste gronden, moerassen en plassen verdwijnen in werkverschaffing. Daarom kan nooit genoeg van de cultureele waarde van ons natuurschoon worden getuigd. Te hopen valt, dat dit boekje, waarin de schrijver een beeld geeft van de zoo afwisselende schoonheid van ons land, daarbij voortdurend wijzend op hetgeen er behouden bleef in tientallen groote en kleine natuurreservaten er toe zal bijdragen om de banden tusschen volk en natuur te versterken. Deze gebondenheid brengt vaderlandsliefde in den waren zin van het woord.

Periodieken van Erfgoed Vereniging Heemschut

Heemschut - Tijdschrift 1924-2023 | 1942 | | pagina 17